Home | symposia en workshops

Leefmilieu vindt een goede samenwerking tussen burgers, overheid, deskundigen en bedrijfsleven van groot belang. Om het contact en het overleg te bevorderen organiseert Leefmilieu regelmatig bijeenkomsten in de vorm van workshops, publieksbijeenkomsten en symposia. Ook verzorgt Leefmilieu regelmatig presentaties op verzoek van groepen of organisaties.
Deze bijeenkomsten en presentaties gaan over actuele thema's zoals als gezondheid in relatie tot luchtkwaliteit, natuur en laagfrequent geluid
.
Het overzicht van deze bijeenkomsten vindt u hier.

Via onderstaande links vindt u de symposia en presentaties van vorige jaren:

 

 

Milieuoverlast puinbreker oplossen, een lastig proces

September 2016. De provincie Gelderland had Leefmilieu uitgenodigd om een groep ondernemers bij te praten over haar ervaringen met mediation. De bijeenkomst had op 26 september plaats in Loenen, op de papierfabriek van Solidpack.
In de presentatie van de voorzitter van Leefmilieu kwam uiteraard de lange (juridische) voorgeschiedenis met de puinbreker van Dura Vermeer in Nijmegen aan de orde. De nadruk van de presentatie lag vooral op het antwoord op de vraag wat je van het proces kunt leren. Kern van het antwoord was: neem je tijd en zorg dat er vertrouwen ontstaat. Dat laatste ligt voor de hand, maar blijkt in de praktijk een kwetsbaar proces. Er werd daarom dieper ingegaan op de factoren die maakten dat het vertrouwen in dit geval kon groeien. De relevante voorwaarden waren volgens de voorzitter van Leefmilieu, Marga Jacobs:

  • De omgeving was goed georganiseerd in een bewonersvereniging, dat geeft de achterban vertrouwen in de oplossingen en geeft alle betrokkenen een duidelijke partij waarmee gepraat kan worden.
  • Er was kennis beschikbaar bij Leefmilieu over fijn stof en geluid. Dat zorgt voor vertrouwen in de oplossingen en zorgt voor een gesprekspartner die serieus genomen wordt.
  • Er was druk vanuit de eigen duurzaamheidsdoelstellingen van het bedrijf, maar ook vanuit de overheden. Dat maakt het mogelijk om naar het hogere management onorthodoxe oplossingen voor te stellen (en daarvoor geld vrij te maken).
  • Vertrouwen in de mediator (die was al bekend bij de bewoners- en milieugroepen).

Kortom vertrouwen bouwen veronderstelt veel inzet en ruggengraat bij alle betrokkenen in het proces.
Alle partijen moeten aan de ene kant soepel kunnen zijn naar elkaar, maar aan de andere kant de oplossing naar hun stakeholders kunnen verdedigen.

Bekijk hier een korte samenvatting van de presentatie.

- terug naar boven -

Lessen over onbekende risico’s

Iedere twee jaar levert Leefmilieu een bijdrage aan de bijscholing van toxicologen binnen een cursus over de risicocommunicatie. Op 14 juni 2016 was het een internationaal  gezelschap. Leefmilieu brengt in deze cursus het perspectief in van een NGO (Non Gouvernementele Organisatie), in andere stukken van het programma komen de perspectieven van overheden, wetenschappers en dergelijke aan de orde. De case die de voorzitter van Leefmilieu, Marga Jacobs, aan de orde stelde ging om de omwonenden van de lelievelden. Lelies worden in het groeiseizoen meerdere keren per week bespoten met pesticiden, in totaal zo’n 100 kg per hectare en soms meer. Het is natuurlijk de bedoeling dat de chemicaliën alleen terecht komen op de gewassen, maar door de wind en de verdamping komen ze ook terecht bij de omwonenden. Die zien de (soms gele) stof op hun ramen, ruiken hem in huis en ze maken zich zorgen. De mensen die de stoffen op de velden aanbrengen moeten zich beschermen door aangepaste kleding, afzuiging in de cabine van de trekker enz. Het gaat immers om gevaarlijke stoffen, maar voor de omwonenden is er niets geregeld. Die vragen zich dan ook af:

  • Kan ik mijn kinderen wel in de tuin laten spelen als er gespoten wordt?
  • Ik ruik de pesticiden lang nadat het spuiten gestopt is, wanneer is het veilig om buiten te gaan eten?
  • Moet ik mijn ramen sluiten als ze spuiten? Hoe lang?
  • Ik ben zwanger moet ik voorzorgsmaatregelen nemen?
  • Ik verbouw groenten in mijn tuin, is het veilig om ze te eten?

Er is veel onderzoek gedaan naar de risico’s van de pesticiden voor de mensen die ermee werken, maar een groep omwonenden, van de stichting Bollenboos, ssheet_GRtelde vast dat er vrijwel niets bekend is over de risico’s voor de omwonenden. Zij drongen aan op onderzoek en uiteindelijk kreeg, geholpen door de publiciteit, de Gezondheidsraad de opdracht het probleem in kaart te brengen. Toen bleek dat er inderdaad te weinig bekend is, heeft RIVM opdracht gekregen om onderzoek te doen.
Sommige toxicologen in de cursus konden in eerste instantie maar moeilijk geloven dat er vrijwel niets bekend is over de risico’s voor de omwonenden, zij dachten dat er wel nagedacht was over de risico’s voor de omwonenden. De les dat experts toch nog iets kunnen leren van omwonenden als het gaat om ontbrekende kennis, werd op deze middag dus helder gedemonstreerd.

Bekijk hier de (Engelse) presentatie van 14 juni 2016

Klik hier voor het Adviesrapport van de Gezondheidsraad

Ga hier naar de website van de Stichting Bollenboos

- terug naar boven -

Scheepvaart niet te onderschatten milieuprobleem

Henk Nijhuis 2016-2Op 1 april 2016 hield Henk Nijhuis, adviseur luchtkwaliteit van de gemeente Nijmegen, voor Leefmilieu een presentatie over het beleid over luchtkwaliteit in Nijmegen. Nijmegen is zoals bekend een stad aan de Waal, en die Waal is een drukbevaren rivier. In eerste instantie sta je er niet zo bij stil, maar alle schepen op de Waal samen veroorzaken veel luchtvervuiling. Uit een meetonderzoek van het RIVM uit 2006 bleek dat wat betreft NO2 de scheepvaart op de Waal bij Nijmegen vergeleken kan worden met een snelweg met 106.000 motorvoertuigen per etmaal. Berekeningen uit 2010 gaan zelf uit van 140.000 motorvoertuigen per etmaal. Het is bekend dat er aan scheepsmotoren en hun brandstoffen nog veel verbeterd kan worden om ze minder vervuilend te maken. MaarWest en Weurt NO2 beleid daarover wordt niet door gemeente gemaakt, dus kan de gemeente Nijmegen daar alleen indirect invloed op uitoefenen. Nijmegen doet dat door aan de Waalkade walstroom aan te leggen, zodat schepen als ze eenmaal aangelegd zijn, de motor uit kunnen zetten. De haventarieven zijn zo aangepast dat milieuvriendelijke schepen, met een green Award, 15% korting krijgen op de havengelden. Landelijk neemt de gemeente deel aan het fonds verduurzaming binnenvaart en Europees neem ze deel aan CLINSH, een EU onderzoekstraject voor schone scheepvaart. Kortom startend vanuit een lokaal milieuprobleem, moet je als gemeente nationaal en Europees aan de slag. Bekijk voor meer initiatieven in Nijmegen de presentatie van Henk Nijhuis.

Klik hier om de presentatie te bekijken.

- terug naar boven -

Bijeenkomst: Luchtvervuiling meten en voorkomen

Smart Emission consortiumApril 2016. Luchtvervuiling blijft een hardnekkig milieuprobleem dat een grote impact heeft op de gezondheid van mensen. Al meer dan 10 jaar werkt de gemeente Nijmegen aan de verbetering van de luchtkwaliteit, bijvoorbeeld door onderzoek te doen naar de uitstoot van schepen op de Waal en door maatregelen zoals het laten rijden van bussen op aardgas.
Aan de basis van ieder beleid staan goede metingen en behalve 2 meetstations van het RIVM beschikt Nijmegen ook over een lokaal meetnet (voor NO2 en fijn stof). Het meetnet voor NO2 loopt nog minstens 2 jaar door, het meetnet voor fijn stof wordt waarschijnlijk in 2016 gestopt.
Bij verkenning van nieuwe wegen om burgers zelf te laten meten wordt op dit moment het project Smart Emission uitgerold, samen met andere partijen zoals de Radboud Universiteit. Een groep van 30 mensen krijgt een eigen sensor (zie foto) en iedereen kan deze metingen online bekijken en gebruiken. De technische infrastructuur hiervoor is bijna klaar. Door studenten Sensor Joséen stagiaires is er ook gewerkt aan visualisatie van data voor burgers. Vanaf nu volgt de fase van ongestoord data binnen halen en data-analyse. Voor luchtkwaliteit zal daarbij ook RIVM nauw betrokken zijn.
Op uitnodiging van de vereniging Leefmilieu heeft Henk Nijhuis, adviseur luchtkwaliteit van de gemeente Nijmegen op 1 april een presentatie gehouden, in het laatste deel van zijn presentatie gaat hij dieper in op het Smart Emission project.

 

 

Klik hier om de presentatie van Henk Nijhuis te bekijken.

Smartemissions project:         http://www.ru.nl/gpm/onderzoek/research-projects/smart-emission/
                                                 http://www.smartemission.nl/smartapp/
Lokale meetnet Nijmegen:       http://www.westenweurt.nl/thema/4

- terug naar boven -

Mediatraining voor Stop de Stank Deurne op 28 november

Op verzoek van de vereniging Stop de Stank Deurne, die al meerdere jaren lid is van Leefmilieu, heeft de vereniging Leefmilieu een mediatraining ontwikkeld. Deurne ligt in Brabant in een gebied waar enorm veel intensieve veehouderij gevestigd is en Stop de Stank zet zich al jaren in voor de bestrijding van de overlast en risico’s hiervan. De vrijwilligers van Stop de Stank Deurne worden regelmatig gevraagd om te reageren in de lokale en landelijke media en daarom wilde het bestuur (potentiële) woordvoerders graag ervaring laten opdoen.  

De training vond op 28 november 2015 plaats in het Gerardushuis in Deurne waar we gastvrij werden onthaald met koffie, thee en bananencake. Als start werd er ingegaan op de journalistieke blik op het nieuws: “wat is nieuwswaardig volgens journalisten”. Daarna werd in twee ronden geoefend met een standpuntbepaling en een kort interview voor camera. Vanuit de gedachte dat iedereen misschien niet ervaren is als woordvoerder, maar wel als kijker, gaven de aanwezigen elkaar feedback in de vorm van een Tip (voor verbetering) en een Top (dat is prima).

De uitkomst was dat deelnemers vaak met een heel kritische blik naar het filmpje van zichzelf kijken, maar het filmpje van een ander heel goed vinden. Kortom je bent naar jezelf waarschijnlijk te kritisch. Misschien niet heel verassend, maar wel goed om te beseffen, dat iedereen wat milder mag kijken naar het eigen optreden. Een verrassender punt was dat de 10 deelnemers op dezelfde vraag: “Wat is er volgens jou hier in Deurne aan de hand?”, heel verschillende antwoorden gaven. Sommigen antwoorden bijvoorbeeld vanuit hun persoonlijke overlast situatie, anderen met een blik gericht op de politiek of vanuit een milieuperspectief. Samengenomen vormden de reacties een mooi compleet beeld van de problematiek in Deurne. Een inspirerende uitkomst.  

Mediatraining

- terug naar boven -

Werkconferentie op 16 oktober: oplossingen voor laagfrequent geluid

Op 16 oktober 2015 organiseerde de vereniging Leefmilieu samen met de stichting Laagfequent Geluid en Edwin Buikema van ingenieursbureau Peutz een werkconferentie over laagfrequent geluid (LFG). Er waren 25 mensen uitgenodigd om na te denken over oplossingen voor LFG. Bij de oplossingen werd in twee richtingen gekeken: naar de mens en naar de geluidsbron.
Bij overlast ligt het startpunt van het proces altijd, daar waren de aanwezigen het over eens, in het meten van het geluid. Vervolgens kun je dan de bron opsporen en het probleem technisch proberen te verhelpen. Gaandeweg tijdens de werkconferentie bleek dat als bedrijven de bron zijn van de LFG overlast, er veel mogelijkheden zijn om de overlast op te lossen. Als het moet via de rechter, LFG wordt door rechters aangemerkt als objectiveerbare hinder: hinder die onderzocht moet worden. Maar wat kun je doen als de bereidheid om te meten er bij de lokale overheid niet is? Dan is het belangrijk dat burgers samenwerken.
Het probleem LFG is het moeilijkst oplosbaar als deskundigen geen LFG meten en de betrokken toch overlast ervaren door een bromtoon. De suggestie, die gedaan werd, is om dan onderzoek te gaan doen bij de mensen die ziek worden. Ga bijvoorbeeld na of niet-akoestische  prikkels verantwoordelijk kunnen zijn voor dit fenomeen. De GGD in Gelderland is gestart met een dergelijk onderzoek naar aanleiding van de bromtoon in Zutphen en de vele andere meldingen waarbij geen bron aangewezen kon worden. Een andere suggestie werd gedaan om, in navolging van Denemarken, in Nederland een ruimte in te richten, waarin de persoonlijke waarnemingsdrempel van mensen van LFG bepaald kan worden.
Kortom: LFG is in eerste instantie een milieu-probleem en als de bron van het geluid niet gevonden kan worden,  blijft er in ieder geval een taai gezondheidsprobleem over. Beide problemen verdienen een oplossing: door bronnen op te sporen en aan te pakken, wat nog lang niet altijd gebeurt, én door te gaan zoeken naar de oorzaken van ziekmakende bromtonen die niet door geluid veroorzaakt worden. 

Klik hier voor een samenvatting van de dag

Bekijk hier de presentaties:
- Presentatie van Edwin Buikema: Hooggevoelig voor LFG
- Presentatie van Theo Campmans: Reductie LFG - 2 Cases Grote kleine ketels
- Presentatie van Coert van den Enk: Bromtoon in Zutphen
- Presentatie van Dirk van der Plas: Presentatie SLG
- Presentatie van Bewoner Den Bosch: LFG, je zal er maar last van hebben
- Presentatie van Suzanne Eekhout: Juridische oplossing voor LFG
- Presentatie van Jan van Muijlwijk: Op zoek naar de bron

werkconferentie LFG

- terug naar boven -

Burgers meten liever zelf

Op 24 juni 2015 hield Marga Jacobs, voorzitter van Leefmilieu, een presentatie over het burgerperspectief op meten. Ze presenteerde voor allemaal experts uit het hele land op een bijeenkomst georganiseerd door Geonovum. Veel waarden over fijnstof, stikstofoxide of ammoniak in de lucht komen tot stand door berekeningen en vaak blijkt dat burgers graag willen dat er niet alleen berekend wordt, maar ook gemeten. En het liefst doen ze dat zelf. Nu is meten technisch en duur, tenminste als je het goed wilt doen. Het goed meten van de luchtkwaliteit, zoals dat op dit moment door het RIVM wordt uitgevoerd voor heel Nederland, kost ieder jaar miljoenen. Op de onderstaande foto’s is een van die meetstations te zien in Nijmegen. Het ziet eruit als een flink tranformatorhuis met allerlei meetapparatuur op het dak. Daarbinnen wordt de ruimte koel gehouden en draaien volautomatisch de machines die bijvoorbeeld de lucht op filters verzamelen.meetstation Nijmegen

Maar de ontwikkelingen op meetgebied staan niet stil en de apparaten worden steeds kleiner en kleine sensor meetstationgoedkoper. Het kleine ronde zwarte doosje vol met sensoren, op de foto hiernaast, kan ook heel veel meten en kost maar 350 euro. Het is natuurlijk hoopgevend dat zulke mogelijkheden binnen ieders bereik komen. De waarden gemeten met zulke goedkopere apparaten moeten natuurlijk wel voldoende betrouwbaar zijn. Dat wordt onderzocht door de Radbouduniversiteit, samen met, onder andere, de gemeente Nijmegen. Een van Nederlands beroemdste rotondes staat centraal in het experiment: het Keizer Karelplein in Nijmegen. Op verschillende afstanden en windrichtingen van dit plein worden 30 van zulke kleine meetapparaten opgesteld.

Als, over ruim een jaar, de metingen voldoende betrouwbaar blijken te zijn, komt het zelf meten door burgers dichterbij. Dat er behoefte aan is heeft Leefmilieu in haar presentatie op 24 juni aan de experts toegelicht met voorbeelden: over fijnstof, maar ook over pesticiden, en laagfrequent geluid. Mensen hebben sterk de behoefte om zelf te meten, ook omdat ze willen controleren of hun zorg terecht is, voordat ze de overheid en anderen gaan alarmeren. Dat het RIVM toch nog lang niet kan stoppen met meten is ook wel belangrijk om te beseffen: hoe meer mensen in Nederland zich met meten gaan bezighouden hoe belangrijker het is dat er een gouden standaard blijft bestaan om de zelfgemeten waarden mee te kunnen vergelijken.

Bekijk hier de presentatie van Leefmilieu

- terug naar boven -

Ambitie PAS is veel te laag

Op 24 april 2015 gaf Johan Vollenbroek een presentatie waarin hij inging op de PAS (Programma Aanpak Stikstof) waarop Leefmilieu en MOB zienswijzen hebben ingediend. Teveel stikstof betekent een aanslag op de natuur, vooral op arme zandgronden. En juist op die arme zandgronden staan veel bedrijven met intensieve veehouderij die deze stikstof produceren. Op dit moment zorgen Natuurbeschermingswetvergunningen ervoor die bedrijven niet kunnen uitbreiden, als dat nadelig is voor de omringende natuur. Maar de PAS (Programma Aanpak Stikstof) die binnenkort van kracht wordt moet daar verandering in brengen. Deze aanpak moet zorgen dat er ontwikkelruimte komt zoals Johan Vollenbroek uitlegt: “ontwikkelruimte betekent concreet ruimte voor uitbreidingen”. Verder komt er geld voor maatregelen om de nadelige effecten voor de natuur enigszins te verminderen, zoals de waterstand verhogen en afplaggen. Op dit moment is Nederland een van de meest vervuilde plaatsen in Europa als het gaat om stikstof. Johan Vollenbroek: “de ambities van de PAS zijn veel te laag, men streeft naar een reductie van 10% over 15 jaar”. Het is dus niet te verbazen dat Johan Vollenbroek, die behalve bestuurslid van Leefmilieu ook voorzitter is van MOB, samen met andere deskundigen een stevige inspraakreactie heeft opgesteld. Al was dat eigenlijk bijna niet te doen. Johan Vollenbroek: “ga er maar aanstaan, je krijgt 6 weken de tijd om een reactie te schrijven op 5000 pagina’s. Gelukkig blijken anderen, zoals de MER-commissie, het voor een groot deel met ons eens te zijn, dus misschien gaat de minister wel luisteren”.

Bekijk hier de hele inspraakreactie van MOB
Bekijk hier de inspraak van leefmilieu

- terug naar boven -

Onderwerpen: