Home | vergunningen en beleid | over vergunningverlening

Hier vindt u geen concrete voorbeelden van vergunningen, maar algemene informatie over vergunningverlening en handhaving.

 

Leefmilieu toch ontvankelijk, besluit rechtbank Limburg ongegrond

Met haar uitspraak van 4 mei 2016 had de rechtbank Limburg de vereniging Leefmilieu niet-ontvankelijk verklaard in een zaak met betrekking tot een omgevingsvergunning van een pluimveehouderij in Kelpen-Oler, gemeente Leudal. Vereniging Leefmilieu heeft daarop hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.

In haar uitspraak van 5 juli 2017 had de Raad van State weinig woorden nodig, ze maakte korte metten met de uitspraak van de rechtbank Limburg. Ze verwees naar de statuten, de feitelijke werkzaamheden van de vereniging Leefmilieu en naar eerdere jurisprudentie om te concluderen dat Leefmilieu wel degelijk ontvankelijk is. Wij hoefden in dit geval niet eens extra informatie te verschaffen.

Het is een omstreden werkwijze van sommige (gemeente)besturen om milieugroepen in het defensief proberen te dringen door twijfel te uiten aan de ontvankelijkheid. Het is daarom de moeite waard om, als je wilt procederen bij de bestuursrechter, eerst de eigen statuten goed tegen het licht te houden en te zorgen dat je als groep meer doet dan juridische procedures. Dat zijn de zogenoemde feitelijke werkzaamheden waarvan in de uitspraak gesproken werd. Daarbij kun je denken aan voorlichting, bijeenkomsten organiseren, gesprekken met politici en ambtenaren en samenwerken met andere groepen. Zorg ervoor dat je deze activiteiten kunt aantonen met ontvangen en verzonden brieven, notulen van vergaderingen waar je hebt ingesproken, publicaties in de media enz.. Deze activiteiten moeten recent zijn, zo moet de organisatie bijvoorbeeld niet al meer dan een jaar niets gedaan hebben. Verder moeten de activiteiten ook een redelijke periode beslaan: de organisatie moet dus niet pas een paar maanden actief zijn. In ons geval blijken rechters vaak te volstaan met naar de website te kijken, maar dat zal enkel voldoende zijn indien de organisatie al jarenlang overduidelijk actief is. Mocht je organisatie toch niet-ontvankelijk worden verklaard, kan het de moeite waard zijn om in (hoger) beroep te gaan, mits aan bovengenoemde voorwaarden wordt voldaan. Wie weet denkt de (hoger beroeps) rechter er toch anders over dan de gemeente of in ons geval de rechtbank. Voor de toekomst is de ontvankelijkheid dan beproefd en weet zeker waar je aan toe bent. De Rechtbank Limburg had in ons geval domweg haar huiswerk niet gedaan: de Raad van State had zich namelijk al eerder over dit punt uitgesproken, en de rechtbank heeft daar niets mee gedaan.

Lees hier de uitspraak van de RvS 201604472/1/A1

- terug naar boven -

Wees attent op de juiste bezwaartermijn

Als je besluit een bezwaarschrift in te dienen tegen een besluit van een bestuursorgaan is het belangrijk dat je weet wanneer de uiterste indieningsdatum van je bezwaarschrift is. Dat blijkt namelijk niet altijd duidelijk uit de publicatie in het huis-aan-huisblad of op de website, of die publicatie zet je op het verkeerde been.

Zandloper_van PixabayEn om maar meteen een misverstand uit de wereld te helpen; de bezwaartermijn van 6 weken vangt niet aan op de datum van die publicatie. De wet (de Algemene wet bestuursrecht Awb) zegt dat de termijn van 6 weken aanvangt “met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt” ( artikel 6:8 lid 1 Awb). En met die bekendmaking wordt hier niet de publicatie bedoeld, het gaat hier om de datum waarop het besluit aan de belanghebbende(n) is toegezonden ( 3.41 lid 1 Awb).

En een tweede misverstand: de belanghebbende(n) waar het hier over gaat betreft de aanvrager(s) van de vergunning, en niet ook degene die getroffen gaat worden door het besluit. Dus als je buurman een vergunning aanvraagt voor iets dat ook jou gaat raken dan stuurt de gemeente of provincie alleen je buurman het besluit toe. De datum waarop dat  gebeurt, is de verzenddatum van waaraf  de 6 weken gaan tellen.

Als die verzenddatum ook expliciet in de publicatie staat is er niets aan de hand, dan kun je zelf uitrekenen wanneer de 6 weken zijn verstreken. Maar als in de publicatie alleen staat dat bezwaar kan worden aangetekend “binnen 6 weken na de dag van verzending”, dan zegt jurisprudentie dat je verplicht bent actief naar die verzenddatum te informeren, je mag niet aannemen dat de verzenddatum gelijk is aan de publicatiedatum.

Het bestuursorgaan is op grond van de Wabo verplicht het besluit tegelijkertijd met of zo spoedig mogelijk na het nemen van het besluit te publiceren, maar het gebeurt in de praktijk regelmatig dat  daar toch wel een tijd tussen zit. En als je dan denkt te kunnen rekenen met de publicatiedatum kan je bezwaarschrift wel eens als te laat en dus niet-ontvankelijk worden verklaard. Alleen als de termijnoverschrijding “verschoonbaar“ is, zal je bezwaarschrift alsnog worden behandeld, maar zo’n beroep op verschoonbare termijnoverschrijding wordt (door de rechter) zelden gehonoreerd. Het is beter een rechtszaak hierover te voorkomen door gewoon goed te letten op de te hanteren bezwaartermijn en zoals beschreven zo nodig navraag te doen.

- terug naar boven -

Inbreng op participatieplan ministerie van Infrastuctuur en Milieu

Regelmatig neemt Leefmilieu deel aan overleggen met het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM). In april is bijvoorbeeld nog een overleg geweest over een beleid om de overlast door houtstook tegen te gaan. Naast deze gewone overleggen over milieu-onderwerpen kregen we vorige zomer het verzoek om inbreng te leveren op het beleid van de directie Participatie van het ministerie van IenM. De directie Participatie van het ministerie doet heel veel. In 2017 begeleiden ze ruim 60 zienswijzenprocedures en meer dan 30 internetconsultaties. In hun jaarplan hebben ze ook aangegeven het beleid, de uitvoering en het toezicht van het ministerie te willen verbeteren door de kennis en kunde van betrokken burgers, bedrijven en belanghebbenden te gebruiken. Die laatste invalshoek past natuurlijk heel goed bij ons. Wij stelden de directie Participatie vooral de vraag die ons al geruime tijd bezighoudt: op welke manier kunnen actieve bewonersgroepen geholpen worden om hun rol te spelen na de invoering van de omgevingswet. Er verandert namelijk heel veel in de Nederlandse wetgeving over milieu. Ambtenaren en adviesbureaus krijgen daarvoor hele cursussen, maar er worden nog geen laagdrempelige en goedkope cursussen voor actieve burgers georganiseerd. Voor een deel bleken we met onze zorgen bij de directie Participatie aan het verkeerde adres. Over de participatie bij de omgevingswet gaan de gemeenten. Dat betekent in de praktijk dat die participatie in de ene gemeente heel zorgvuldig en uitgebreid gedaan zal worden en andere gemeenten zich er veel gemakkelijker vanaf zullen maken. Onze zorg erover was herkenbaar en dus was er al een website ingericht op verzoek van de Eerste Kamer. De website met de toepasselijke naam:  “aandeslagmetdeomgevingswet” is bedoeld om iedereen, ook burgers, te helpen. De website geeft voorbeelden en persoonlijke verhalen. En mocht je willen weten of er in jouw buurt geëxperimenteerd wordt met de omgevingswet, dan is er een kaartje met daarop alle proeftuinprojecten. Uiteraard hebben wij onmiddellijk geprobeerd of wij ook zo’n proeftuinproject konden starten. Maar helaas, dat kunnen alleen overheden. Mocht je je verdiepen in de Omgevingswet aan de hand van de website, laat ons je ervaringen weten. Wij zijn benieuwd of de site voldoet en op welke manier hij beter kan.

Meer weten over de omgevingswet ga naar: http://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/

Weten welke proefprojecten er bij jou in de buurt zijn ga dan naar:http://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/invoeringsondersteun/aandeslagkaart/.
Vink aan “lopend project”, anders blijft het kaartje leeg.

- terug naar boven -

Mestverwerker MACE in Gemert-Bakel moet milieu-effectrapportage maken

Op 16 november 2016 heeft de Raad van State beslist dat dierlijke mest waarvoor je betaalt om er vanaf te komen een afvalstof is. De mestverwerkingsinstallatie moet je dan dus aanmerken als een afvalverwerker en als je een dergelijke mestverwerkingsinstallatie wilt oprichten, met een capaciteit van meer dan 50 ton per dag, moet er een milieu-effectrapportage gemaakt worden.
Het bedrijf MACE was tegen het besluit van de provincie Noord-Brabant dat ze een MER moesten maken in beroep gegaan. Ze hebben dus ongelijk gekregen.

Klik hier om de uitspraak van de RVS te lezen.

- terug naar boven -

Nieuwe Omgevingswet biedt nog onvoldoende bescherming

30 september 2016. Op milieugebied staan we in Nederland aan de vooravond van een grote stelselwijziging. De overheid is al jaren bezig met de voorbereiding van deze zogenoemde Omgevingswet. Bij deze omgevingswet gaat heel veel op de schop, zo gaat er veel meer verantwoordelijkheid voor het milieubeleid naar de gemeenten. Gemeenten krijgen de ruimte voor gebiedsgericht maatwerk. Dat klinkt mooi. Het betekent dat gemeenten omgevingsplannen moeten gaan maken waarin ze hun ambities neerzetten op het terrein van milieu, gezondheid, natuur en landschap. Maar deze beleidsruimte kan ook negatief uitpakken voor groepen burgers, doordat gemeenten de regels versoepelen.
Samen met andere milieuorganisaties zoals Natuur en Milieu heeft Leefmilieu gewerkt aan een inspraakreactie op deze Omgevingswet. Het is een lijvig stuk geworden dat gedetailleerd ingaat op de inspraak van de verschillende onderdelen van de wet. De hoofdlijnen van de bezwaren staan uiteengezet in de brief en die komen kort gezegd neer op het volgende:

  • De normen, die de gezondheid moeten gaan beschermen, schieten in de nieuwe wet te kort. Daarmee is het basisbeschermingsniveau van de nieuwe wet te laag.
  • Gemeenten krijgen in de nieuwe wet de mogelijkheid af te wijken van dit basisbeschermingsniveau. Die mogelijkheid moet geschrapt worden.
  • Het beschermingsniveau van natuur en landschap wordt onvoldoende gegarandeerd.
  • Burgemeesters en wethouders krijgen veel meer bevoegdheden, maar er worden te lage eisen gesteld aan de deelname van burgers en gemeenteraden aan dit proces.

We hopen natuurlijk van harte dat er met deze uitgebreide inspraakreacties iets gedaan wordt door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Helemaal gerust zijn we er niet op.

Bekijk hier onze inspraakreactie op de Omgevingswet:
- Brief aan IenM
- Bijlage reactie Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
- Bijlage reactie Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)
- Bijlage reactie Omgevingsbesluit (Ob)

- terug naar boven -

Leefmilieu wil geen vertraging nationale emissieplafond

14 januari 2015. Leefmilieu vraagt in een persoonlijke mail aan alle Nederlandse leden van het Europese Parlement geen vertraging toe te staan voor de onderhandelingen over de 'National Emissions Ceilings' (NEC). Deze nationale emissieplafonds zijn van groot belang voor de luchtkwaliteit en dus voor de gezondheid van alle Europese burgers.

Lees hier de mail van leefmilieu

- terug naar boven -

Europees beleid voor luchtkwaliteit moet ambitieus blijven

18 november 2014. Leefmilieu ondersteunt de brief die Europese milieu- en gezondheidsorganisaties naar de Europese Commissie hebben gestuurd. Ze vragen om een ambitieus Europese luchtkwaliteitsbeleid. Op dit moment leven 9 van de 10 Europese burgers in steden waar de lucht die ze inademen gevaarlijk is voor hun gezondheid. Ieder jaar sterven er in Europa 400.000 mensen te vroeg vanwege de luchtvervuiling. Er is dus alle reden om het luchtkwaliteitsbeleid dat in 2013 is voorgesteld uit te gaan voeren.

Klik hier om de brief te bekijken
logo-HEAL-ERS-EFA

- terug naar boven -

Debat over recht van de burger op informatie

logo NVWAOp 30 september 2014 organiseerde de NVWA (de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit) een debat over de waarde van toezicht. Een netwerkbijeenkomst voor genodigden in de Rode Hoed in Amsterdam. Natuurlijk is het eervol dat Leefmilieu daar ook voor uitgenodigd was.

Drie stellingen die te maken hadden met het werk van de NVWA stonden centraal. Een ervan ging over het recht op informatie, zoals bekend ook een van de speerpunten van Leefmilieu. Voluit luidde de stelling als volgt: “de burger heeft recht op alle toezichtsinformatie van de overheid”.

Het leek ons een open deur, maar toch volgde er een fel debat, waarbij medewerkers van bedrijven en ook van de NVWA veel bezwaren opperden. Het meest verbazende bezwaar was nog wel dat burgers niet alles kunnen begrijpen. Terecht riep dat bezwaar veel verzet op, want hoezo geef je de informatie niet vrij omdat sommigen het misschien niet begrijpen? Er zijn toch altijd mensen die het wel begrijpen  en die het willen weten. Verder blijkt uit onze ervaringen dat veel mensen heel goed in staat zijn zich in iets te verdiepen, als ze het belangrijk vinden.

Uiteindelijk bleek er gelukkig grote overeenstemming over het principe dat de burger het recht geeft op alle toezichtsinformatie. Nu nog het overwinnen van de vele praktische bezwaren, die in het debat door de tegenstanders naar voren werden gebracht.
Bekijk hier het complete verslag van de NVWA

- terug naar boven -

Foto’s van overlast kunnen heel verhelderend werken

Augustus 2014. In 2009 had een actieve groep bewoners in Leek (Groningen) een primeur bij de raad van State. Op hun verzoek mochten ze een PowerPointpresentatie houden. De groep probeert de overlast
van de puinbreker van Dusseldorp  (voorheen Jager) te Midwolde al jaren te verminderen.

Als je naar de presentatie kijkt dan zie je waarom deze aanvulling heel overtuigend was: de overlast is duidelijk in beeld,  er is geen misverstand meer mogelijk. Dat er in 2009 een PowerPointpresentatie gehouden mocht worden betekent niet dat de Raad van State dit nu altijd toestaat, vraag dit altijd vooraf na bij de Raad van State. De foto’s kunnen natuurlijk ook vooraf bij het dossier gevoegd worden, maar de belangrijkste tip is in ieder geval: breng de overlast in beeld, met foto’s of films. Niet alleen voor juridische procedures maar ook voor de media kan dit van pas komen.

Op de afbeelding een van de sheets uit de presentatie.

Bekijk hier de hele presentatie.

- terug naar boven -

Zet stevig in op toezicht en handhaving

Juni 2013. Soms verschijnt er een rapport dat je met rode oortjes leest, zo’n rapport is het "Wissels omzetten. Bouwstenen voor een robuust milieubeleid voor de 21e eeuw" van het Planbureau voor de Leefomgeving. Na jaren van afbraak eindelijk een waarschuwing: “Nederland kan dan ook niet ongestraft verder bezuinigen op handhaving en toezicht”. Verder wordt ook de vraag gesteld of de lagere overheden hun taken op dit gebied wel aankunnen: “Waarom lukt het de meeste Brabantse gemeenten niet om alle bedrijven met luchtwassers te controleren, zoals was afgesproken?”. Behalve slecht voor de omwonenden is dit natuurlijk ook niet eerlijk naar de bedrijven die wel hun best doen. Het Planbureau waarschuwt dan ook tegen te grote naïviteit. We moeten er op voorbereid zijn dat veel beleid niet alleen op vrijwillige basis tot stand zal komen en dat dus een aanzienlijke groep zal weigeren mee te werken. Citaat: “Dat is slecht voor het milieu en slecht voor de moraal. Immers, de meeste mensen willen best iets doen – als ze maar weten dat het moet, dat ze er op termijn baat bij kunnen hebben en dat anderen er ook niet onderuit komen.”
Kortom een vurig pleidooi van het Planbureau voor de Leefomgeving voor toezicht en handhaving. Nu maar hopen dat de overheid in haar bezuiningsdrift die op veel plaatsen de handhavingscapaciteit al behoorlijk heeft aangetast, met dit advies aan de slag gaat.  

Bekijk hier het rapport Wissels omzetten. Bouwstenen voor een robuust milieubeleid voor de 21e eeuw

- terug naar boven -

Naar de rechtbank? Bereid je voor op een andere aanpak 

Voor iedereen die maar zo nu en dan bij een rechtbank komt is het goed om te weten dat rechtbanken bij bestuursrechtprocedures een andere aanpak hanteren. Deze aanpak, die de nieuwe zaaksbehandeling heet, heeft gevolgen voor de snelheid, maar ook voor de aanpak van de rechter en de rol van de zitting in de procedure. De grootste wijziging zit in de andere opstelling die van de partijen wordt verwacht. Het is belangrijk dat alle partijen openstaan om tot een oplossing te komen: juridisch heet dit de “finale geschilbeslechting”. Om zoveel mogelijk tot een oplossing te komen, is een flexibele opstelling van alle partijen van belang en een mandaat om tijdens de zitting te kunnen instemmen met alternatieve oplossingen. Het is dan ook nodig dat je als eiser zelf aanwezig bent bij de zitting, ook als je je door een jurist of deskundige laat vertegenwoordigen.  

De zitting is dus belangrijker geworden dan voorheen. De manier waarop de rechter met de zaak verder zal gaan (voortzetting of afdoening) zal ter zitting duidelijk gemaakt worden. Als geen minnelijke oplossing wordt bereikt en er dus alsnog een uitspraak moet volgen, zal de bestuursrechter proberen de zaak op dezelfde zitting af te kaarten. In dat geval is het prettig als procespartijen daar op zijn voorbereid en een schriftelijke toelichting in de vorm van een pleitnota achter de hand hebben.

Het is dus belangrijk om je voor te bereiden op snellere procedures en zeker naar de zitting te gaan en te zorgen dat je precies weet wat je wel en niet wilt, zodat je die inbreng tijdens de zitting kunt leveren.

Meer informatie op:

http://www.rechtspraak.nl/procedures/landelijke- regelingen/bestuursrecht/pages/default.aspx

- terug naar boven -

Per 1 januari 2013 Activiteitenbesluit van kracht voor agrarische bedrijven

In verleden waren vergunningen maatwerk. Voor de meeste bedrijven zijn die echter vervangen voor algemene regels, voorschriften die vallen onder het Activiteitenbesluit. Vanaf 1 januari 2013 is het Activiteitenbesluit vernieuwd, het geldt nu ook voor agrarische bedrijven. De vergunningplicht is nu vervallen bij bijvoorbeeld veehouderijen met minder dan 2000 geiten, 2000 vleesvarkens of 40.000 kippen. Dit zijn behoorlijk grote bedrijven.

De wijziging betekent duidelijke regels waar bedrijven aan moeten voldoen. De rechtsbescherming van omwonende burgers is echter minder duidelijk. Het activiteitenbesluit neemt genoegen met een melding in plaats van een uitgebreide vergunningaanvraag. Zelfs als blijkt dat het bedrijf niet aan de regels kan voldoen, kan de melding niet worden geweigerd! Er is ook geen mogelijkheid voor belanghebbenden om een zienswijze of bezwaar in te dienen. Wel is bij een aantal bedrijven een toetsing aanwezig in de vorm van een OBM (omgevingsvergunning beperkte milieutoets) voor fijnstof en een m.e.r.-beoordelingsplicht. De OBM is wel een reguliere vergunning en dit betekent dat een bezwaarprocedure voor belanghebbenden mogelijk is gedurende 6 weken na de bekendmaking.

Als blijkt dat een bedrijf niet voldoet aan de regels van het Activiteitenbesluit is het altijd mogelijk om een handhavingsverzoek in te dienen bij het bevoegd gezag (vaak de gemeente). Indien er voorschriften niet worden nageleefd, heeft deze immers een beginselplicht tot handhaving.

Het Activiteitenbesluit is te vinden op: www.wetten.nl.

Een overzicht van de regels is te vinden op:

http://www.infomil.nl/onderwerpen/integrale/activiteiten besluit/officiele/infomil-gemaakte/#1januari2013

- terug naar boven -

Toegang tot rechter onderzocht en die laat te wensen over

Juni 2012. Twee studenten van de Vrije Universiteit Amsterdam hebben voor hun masterscriptie onderzoek gedaan naar de toegang tot de rechter voor algemeen belangorganisaties zoals Leefmilieu. De voorzitter van Leefmilieu is voor dit onderzoek ook geïnterviewd. De twee rechtenstudenten, Sandra Hoffer en Natalia Molina gingen daarbij uit van het verdrag van Aarhus dat Nederland ondertekend heeft en ze vroegen zich af of de toegang tot de bestuursrechter voor algemeen belangenorganisaties in Nederland wel voldoet aan de vereisten van het Verdrag van Aarhus.
Hoffer en Molina zijn tot de conclusie gekomen dat de huidige toegang tot de bestuursrechter voor algemeen belangorganisaties, helaas, in strijd is met het vereiste van 'wide access to justice' in de zin van het Verdrag van Aarhus. Zij wijzen daarbij zelfs op de mogelijkheid om een klacht aangaande de toegang tot de bestuursrechter voor algemeen belangorganisaties in Nederland in te dienen bij de Compliance Committee. Omdat alleen door een uitspraak van de Compliance Committee onomstotelijk vast kan komen te staan of Nederland al dan niet aan het vereiste van ‘wide access to justice’ voldoet.

In het onderzoek worden verder in de bijlage nog de veel voorkomende ongemakken van het hedendaagse recht in Nederland beschreven: de inperking van het belanghebbende criterium, de snelle veranderingen in de regelgeving, de kosten die gemoeid zijn met het halen van je recht en de weerstand bij ambtenaren om alle benodigde stukken te geven.
Leefmilieu is de twee studenten heel dankbaar dat zij het initiatief genomen hebben tot dit onderzoek en de gelegenheid die ze de vereniging geven dit onderzoek op hun site te publiceren. De studenten kregen voor hun scriptie een goede beoordeling, dat hebben ze verdiend en hopelijk wordt er op basis van deze aanzet door anderen verder gewerkt bijvoorbeeld door het indienen van een klacht.

Bekijk hier het rapport van Hoffer en Molina

Meer over de Aarhus Convention.

- terug naar boven -

Teveel meedenken bij de vergunningverlening en -handhaving Thermphos

26 februari 2011 De provincie Zeeland heeft te weinig aandacht besteed aan de gezondheidsaspecten van het bedrijf Thermphos en veel te veel meegedacht met het bedrijf. Dit zijn enkele conclusies van de commissie Mans naar aanleiding van de vergunningsituatie rond het bedrijf Thermphos, een van de grootste producenten van fosfor ter wereld.
Thermphos, gevestigd in Vlissingen, werd op 1 juli 1997 opgericht als een zelfstandige onderneming binnen het Hoechst-concern. In 2000 is Thermphos als zelfstandige onderneming verder gegaan. Vanaf 2003 is Thermphos in handen van een aantal particuliere investeerders.
Rond het bedrijf bestaat al jarenlang ernstige overlast en vrees voor gezondheidsschade voor de omwonenden. Het televisieprogramma Zembla besteedde op 13 november 2010 aandacht aan. De VROM-inspectie dreigde het bedrijf eerder te sluiten.
In zijn presentatie maakte Mans duidelijk dat de provincie Zeeland de ambtenaren onvoldoende heeft aangestuurd en dat er twijfel is aan de beschikbare deskundigheid binnen de provincie. Hij hekelde in zijn presentatie vooral de cultuur van meedenken met het bedrijf. Een aanpak die, volgens hem, heel herkenbaar is, ook in de rest van Nederland. Maar hoe herkenbaar ook, deze houding van meedenken is fundamenteel onjuist. Een meedenkende overheid staat een adequate handhaving in de weg. De vergunningverlening en –handhaving worden nu teveel gezien als een dienst aan het bedrijf, in plaats van als het uitvoeren van een wettelijke taak. Dit moet volgens Mans anders. Mans ziet grote parallellen met de situatie rond de recente brand in Moerdijk.

Lees hier het eindraport van de commissie Mans over Thermphos.

Bekijk hieronder de presentatie van de eindrapportage door Mans.

- terug naar boven -

 

Protesteer tegen inperking rechten van Nederlandse burgers

24 oktober 2010 Tot nu toe geldt dat u bij de rechter alle gebreken in een besluit mag aanvoeren om het vernietigd te krijgen. Dit is ook redelijk, omdat overheidsbesluiten op alle punten moeten voldoen. Die regels zijn er per slot van rekening niet voor niets. Maar de minister van justitie wil nu een relativiteitseis invoeren. Dat betekent concreet dat bij een beroep op de rechter enkel nog de argumenten gelden die direct uw eigen belang raken.
Een voorbeeld: omwonenden kunnen dan vaak niets meer over watervervuiling of natuurzorg inbrengen, omdat dat dan niet direct hun belang raakt. Zij kunnen dan nog enkel beroepsgronden over geluid en stank aanvoeren voor zover die hun eigen woning raken. Ook voor stichtingen en verenigingen zou een soortgelijke beperking kunnen gaan optreden. Het zal duidelijk zijn dat deze aanpassing van het bestuursrecht geen verbetering is.
De wet- en regelgeving wordt door lokale overheden en bestuursorganen niet altijd goed toegepast. In een aantal van die gevallen is daarom een gang naar de rechter door bewonersgroepen en milieuorganisaties onvermijdelijk. De mogelijkheid om naar de bestuursrechter te kunnen stappen, is een belangrijk middel. De vereniging Leefmilieu gaat daarom een brief sturen naar de Tweede Kamer met het verzoek om deze relativiteitseis niet in te voeren en roept iedereen op dat ook te doen.
De eerste behandeling van het voorstel is op 11 november in de commissie Justitie, dus wacht niet te lang.
Wat kunt u doen?

  • Stuur de brief naar de Tweede Kamer, verander wel de geel gemarkeerde onderdelen met uw eigen gegevens.
  • Stuur ook een kopie naar burgernetwerk@leefmilieu.nl, dan vermelden we u ook op onze site.
  • Benader een of meer Tweede Kamerleden persoonlijk.
  • Verspreid deze brief: zet hem op uw website, stuur hem naar andere groepen enz.

 

Brief om aan de Tweede Kamer te sturen.
- Brief met toelichting van de vereniging Leefmilieu.
- Voorstel minister van justitie..
- Advies Raad van State.

 

- terug naar boven -

Helder handhaven

Uit Nieuwsbrief Leefmilieu, okt 2010. Een burger verzoekt de gemeente tot handhaven, maar er volgt geen actie. Dat komt heel vaak voor en het is frustrerend. In het rapport “Helder handhaven” besteedt de Nationale ombudsman aandacht aan deze situatie. Een van de redenen, volgens de ombudsman, waarom frustraties ontstaan is het feit dat burgers onvoldoende bekend zijn met de procedures en gemeenten onvoldoende aandacht hebben voor de klagende burger. Soms wordt een handhavingsverzoek door de gemeente genegeerd, of omdat het verzoek niet schriftelijk is ontvangen bij de juiste afdeling helder handhavenof omdat de juiste term niet is genoemd! Tip: vermeld in de brief daarom altijd het woord handhavingsverzoek, dat voorkomt misverstanden.
Vaak winnen groepen een zaak bij de rechter, maar gaat de gemeente daarna toch niet handhaven. De ombudsman wijst op een aantal oorzaken waardoor een gemeente kan besluiten om handhaven uit te stellen, zoals de werkdruk, andere (politieke) prioriteiten of toekomstige wetgeving. De gemeente dient een weloverwogen besluit te nemen en de klager daar goed over te informeren. De ombudsman heeft hierover spelregels opgesteld. Kern van die spelregels is dat gemeenten transparant zijn. Als een gemeente besluit om niet of pas later te handhaven, dan moet duidelijk zijn waarom. Ook moet een gemeente zo mogelijk persoonlijk contact zoeken en uitleg geven over wat een gemeente wel of niet kan doen. Tot slot moet een gemeente onpartijdig zijn en niet alléén oog hebben voor de belangen van de inwoner die brutaal zijn gang is gegaan. De gemeente moet een transparante en onpartijdige afweging van alle belangen maken. De spelregels zijn in het rapport “Helder Handhaven” opgenomen.
Klik hier om het hele rapport lezen.
 

- terug naar boven -

Inspectie kritisch over vergunningverlening en handhaving provincie Gelderland

Uit Nieuwsbrief Leefmilieu, sept 2005
In een onlangs uitgevoerd onderzoek constateert de VROM-Inspectie dat de vergunningverlening en handhaving van de provincie Gelderland tot 2003 niet adequaat plaatsvond. Vrijwel alle onderzochte vergunningen van de provincie hadden niet de juiste kwaliteit. Ook de provinciale handhaving schoot op veel terreinen tekort. Zo waren onderzochte dossiers onoverzichtelijk en ontbrak essentiële informatie. De afhandeling van geconstateerde feiten in de vorm van verslagen, brieven en nazorg kreeg onvoldoende aandacht.De provincie werkt aan de verbetering van deze situatie. De inspectie heeft ‘voldoende vertrouwen’ dat in 2006 de handhaving op orde is. Zij plaatst daarbij wel de kantekening dat een aantal onderdelen op korte termijn aandacht vergt.
Klik hier voor het hele rapport van de VROM inspectie (pdf).

- terug naar boven -
 

Onderwerpen: