Home

Februari 2021. Een nieuwe meetmethode van het RIVM laat zien dat houtrook drie keer meer fijnstof bevat dan tot nu gedacht. Dat komt omdat tot nu toe alleen is gemeten aan de hete rook zoals die direct uit de schoorsteen komt. Maar als Condenseerbaar fijnstofdie rook afkoelt, dan condenseren de stoffen in die rook tot kleine druppeltjes, die als superfijn fijnstof in de lucht blijven zweven. Het gaat hierbij om "condenseerbaar fijnstof", deeltjes die zich vormen bij de afkoeling van verbrandingsgassen. Veelal zijn het teerachtige stofjes (PAK’s - Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen) in de categorie PM2.5.

 

Door de verdriedubbeling van de gemeten uitstoot van PM2.5 door houtkachels, stijgt het aandeel van houtkachels in de landelijke uitstoot van PM2.5, van ongeveer 10 % naar ongeveer 23%. Daarmee zijn de houtkachels dus goed voor bijna een kwart van de totale landelijk uitstoot van PM2.5. Waarschijnlijk is dit nog een flinke onderschatting, want registratie van uitstoot door houtrook betreft alleen de zogenoemde  ‘sfeerverwarming woning’. Dat betekent dat houtstook in ‘niet-woningen’ zoals woonschepen en  zomerhuisjes niet is meegenomen, ook zaken als vuurkorven, buitenhaarden en kampvuurtjes worden niet meegenomen in deze registratie. Ook gaat het RIVM er bij de berekeningen van uit dat er met kennis van zaken gestookt wordt (!) en dat er goed gedroogd hout wordt gebruikt (!).

 

Behalve dat houtrook dus 3 x meer fijnstof bevat dan gedacht, gaat het hierbij ook nog eens om grotere hoeveelheden condenseerbaar fijnstof, die op lage hoogte in woonwijken worden uitgestoten en die daarmee extra gezondheidsrisico’s  voor de bewoners in die wijken met zich meebrengen.

 

Lees hier meer over condenseerbaar fijnstof

 

.

Onderwerpen: