Home

Atalata van opzij op klimop15 juli 2015. Zoals bekend hebben we in Nederland een zeer groot aantal landbouwhuisdieren, meer dan enig ander land in Europa. De door deze dieren veroorzaakte mest geeft grote natuurschade door de ammoniakemissies. Om te zorgen dat de natuur beschermd wordt, krijgen veehouders een natuurbeschermingswetvergunning om de ammoniakuitstoot te reguleren. De provincies verlenen dergelijke vergunningen. In Utrecht had de provincie daarvoor een banksysteem bedacht: de toename van de emissie van ammoniak bij bedrijfsuitbreidingen kan door die bank gecompenseerd worden door de afname van emissies ten gevolge van bedrijfssluitingen op een andere plek. De vereniging Leefmilieu en MOB waren het met de opzet van deze bank oneens en gingen in beroep bij de Raad van State. Op veel punten was de Raad van State het met onze bezwaren eens. De provincie Utrecht stelde dat de bank gestart was op 12 juli 2010, maar de provincie kon dat volgens de Raad van State niet hard maken. Op 12 juli 2010 was er hooguit sprake van vage plannen. Omdat er wel ingetrokken vergunningen uit 2010 in de bank werden opgenomen, heeft de bank ‘onechte emissies’ als positief saldo geboekt. Ook werden er vergunningen verleend zonder dat duidelijk werd welke ingetrokken vergunning daar tegenover stond. De ingebrachte stakende bedrijven waren niet controleerbaar. Bovendien was door deze aanpak van de provincie Utrecht niet uit te sluiten dat lokaal de natuur zou worden aangetast.

Deze uitspraak volgt op eerdere vernietigende uitspraken over salderingsbanken in de provincies Noord Brabant en Gelderland. Utrecht was de laatste provincie die een salderingsbank in stand wilde houden. Deze uitspraak is ook van belang vanwege de PAS. Immers, de salderingsbank is in essentie identiek aan de werksystematiek van de PAS.

De uitspraak van 15 juli 2015 raakt veel van de beroepen die door ons zijn ingesteld.

Klik hier om de uitspraak te lezen.

 

.

Onderwerpen: