Is een geluidsrapportage verplicht bij een verandering van de activiteiten of worden in het bestemmingplan de zaken vastgelegd?
Achtergrond:
In het dorp sinds tiental jaren een ijssalon gevestigd. Voor de uitbaters is dit een groot succes geworden en de bezoeker komen dan ook van heinde en verre om iets te consumeren. Inmiddels is het uitgegroeid tot een volledige horecaonderneming, wat een parkeerprobleem heeft opgeleverd. De eigenaar heeft nu een perceel naast de vragensteller gekocht om daar een parkeerplaats aan te leggen om (zogenaamd) de overlast te beperken. Echter er zijn plannen om de ijssalon in de wintermaanden te verhuren als feestgelegenheid met alle consequenties van dien. De vragensteller heeft daarom bezwaar aangetekend. Het geldende bestemmingsplan dateert van 1960 en zegt hoegenaamd niets over het gebruik van gronden. In dat kader stelt de Gemeente dat het de eigenaar niet verbieden kan om het perceel als parkeerplaats te gebruiken. Omdat er echter een voorbereidingsbesluit was waarin het verboden was om terreinen te verharden, verhogen etc. kon de uitbater niets doen. Ondanks dit voorbereidingsbesluit heeft de uitbater toch een inrit aangelegd, aangevuld met grind. B&W waren voor de komst van de parkeerplaats en hebben bij het verlengen van het nieuwe voorbereidingsbesluit (dit moet elk jaar opnieuw bekrachtigd worden door de gemeenteraad) de passage van het niet-verharden geschrapt.
De vragensteller heeft nu, ondanks het feit dat de bezwarencommissie zijn bezwaar gegrond had verklaard (op basis van het oude voorbereidingsbesluit), het nakijken.
Een akoestisch onderzoek is uitgevoerd, waaruit blijkt dat de gevelbelasting voor het huis van de vragensteller veel te hoog was. De gemeente heeft toch geoordeeld dat bij de melding zelf geen akoestisch onderzoek nodig was en er zijn dus ook geen nadere eisen zijn gesteld. Feit is nu dat vragensteller geconfronteerd wordt met een parkeerplaats naast de deur voor ca. 30 auto’s en waarbij de uitbater nu bezig is om toestemming te krijgen om hier maximaal 30 keer per jaar feesten en partijen te kunnen houden. Volgens de gemeente kan vragensteller nu nergens meer bezwaar tegen aantekenen en zal de parkeerplaats in ieder geval een feit worden. Men is bezig om een geheel nieuw bestemmingsplan op te stellen.
Antwoord
Het aantal van de nieuwe activiteit van 30 feesten per jaar past niet meer onder de AMvB voor een ijssalon (tenzij ze zich aan de geluidsnormen van de AMvB kan houden). De salon moet daarom een melding maken van een andere activiteit, waarbij een akoestisch onderzoek overlegd had moet worden aan het bevoegd gezag.
Indien de ondernemer al een melding heeft gedaan zonder akoestisch onderzoek en bij deze melding heeft aangegeven dat het geluidsniveau bij een normale en goede bedrijfsvoering de waarde van 70 of 80 dB(A) niet zal overschrijden, kunt u op basis van die melding geen een akoestisch onderzoek meer eisen. Aan de houder van de inrichting stuurt u de schriftelijke mededeling dat, indien binnen enig vertrek van de inrichting een geluidsniveau van meer dan 70 dB(A) / 80 dB(A) wordt geconstateerd, een nieuwe melding inclusief akoestisch rapport overlegd dient te worden. Daarnaast deelt u de horecaondernemer mee dat u verwacht dat voorschrift 1.1.1 van het Besluit horeca-, sport- en recreatieinrichtingen milieubeheer wordt overtreden. Op basis van metingen zal handhavend kunnen worden opgetreden. Als dat meer dan eens voorkomt kan gesteld worden dat een wijziging van de inrichting heeft plaatsgevonden. De ondernemer is verplicht deze wijziging te melden bij het bevoegd gezag dat bij die melding een akoestisch onderzoek zal gaan eisen (gezien eerder geconstateerde overschrijdingen).
In het kader van de bestemmingsplanwijziging moet er sowieso naar geluid gekeken worden omdat je dan alle relevante milieuaspecten in kaart brengt.
Bronnen:
www.wetten.nl (horecabesluit/amvb)
www.infomil.nl
|